overgewicht-kindDoor de opmars van kindermarketing eten en drinken Nederlandse kinderen steeds ongezonder en worden meer kinderen te zwaar, constateert foodwatch in het nieuwe rapport ‘Kindermarketing: onverantwoord en ongereguleerd’. De grenzeloze marketing van te zoete, te zoute en te vette bewerkte producten kan al beginnen vanaf de leeftijd van zes maanden. Onderlinge afspraken van de bedrijven om kinderen jonger dan zeven jaar met rust te laten werken niet. De overheid moet kinderen en ouders in bescherming nemen tegen foute kindermarketing, daarom start foodwatch een burgerinitiatief voor de eerste wet die de marketing van ongezonde producten verbiedt en een gezond aanbod stimuleert.

Nederlandse kinderen zelf doen hun best, want zij bewegen meer dan hun ouders en ook meer dan kinderen tien jaar geleden. Toch steeg het percentage kinderen en jongeren met overgewicht in diezelfde periode. Nederland staat aan kop in Europa op het gebied van kindermarketing voor fastfood en deze tak groeide vorig jaar met 38 procent. Mede door alle kindermarketing eet 89 procent van de kinderen bewerkt en ‘verrijkt’ voedsel met kunstmatig toegevoegde mineralen of vitamines. Slechts één tot twee procent krijgt de aanbevolen hoeveelheid verse groenten binnen. Nederlandse kinderen zijn in Europa kampioen fris drinken: ze drinken een halve liter per dag. Obesitas en overgewichtscijfers zijn de afgelopen jaren flink gestegen, een op de vijf kinderen tussen de 10 en de 12 jaar te zwaar en een op de 17 is obees.

Hoe ongezond zijn kinderproducten?
foodwatch ging na hoe ongezond het aanbod is en kocht tussen oktober 2012 en januari 2013 zeshonderd kinderproducten in twaalf supermarktketens. De producten kregen van foodwatch een verkeerslichtetiket met een rode, oranje of groene score voor gebruik van suiker, zout en (verzadigd) vet. Negentachtig procent van de speciaal voor kinderen gemaakte vaste producten scoorde een keer rood, meestal voor suiker. Een kwart scoorde twee keer rood en veertien procent scoorde onvoldoendes op zowel suiker, zout als vet. Sommige drankjes scoorden op papier groen als er kunstmatige zoetstoffen in zaten, maar houden wel de zoetverslaving van kinderen in stand.

Kindermarketing
Op kinderdagverblijven, op scholen, op tv, sociale media, in spelletjes en zelfs tijdens sportevenementen worden kinderen blootgesteld aan openlijke en verborgen verleiders. Marketeers schakelen kinderpsychologen in om de kinderen met behulp van kindprofielen te programmeren. Een doel is de 2,2 miljard euro die kinderen en jongeren zelf te besteden hebben. Snoep en snacks staan op nummer een in de toptien van zakgeldbestedingen. Kinderen hebben daarnaast ook invloed op twee miljard euro aan gezinsboodschappen.

Jengelfactor
De nag factor (jengelfactor) zet kinderen doelbewust aan tot zeuren om bepaalde snacks en fris. Negentig procent van de kinderen vraagt om zo’n kinderproduct met nag factor en 84 procent van hun ouders gaat door de knieën. Ouders die het beste willen voor hun kind worden door misleidende gezondheidsclaims ‘geactiveerd’ (aangezet tot kopen).

Sluipwegen
Ondanks de zelfregulering van de voedselindustrie en de vrijwillige afspraken om ze met rust te laten zoekt de industrie sluipwegen om kinderen jonger dan zeven te ‘targeten’. Nestle maakt Blauwe Beer-spelletjes voor jonge moeders en baby’s. Blue Band deelt Smeerdiploma’s uit aan peuters in de kinderopvang. De veel te zoute smeerkaas van ERU met Jimmy de Muis sponsort het Nationaal Schoolontbijt. Tjiezie van Uniekaas roept kinderen met het TV programma The Voice Kids op om het merk te liken. Fred & Ed beleg heeft een app gemaakt waarmee kinderen grappige filmpjes kunnen zien. Voedselbedrijven sponsoren zelfs sport- en gezondheidsevenementen.

Verantwoordelijkheid
De levensmiddelenindustrie verkoopt ongezonde producten, ondermijnt actief het ouderlijke gezag en legt alle verantwoordelijkheid voor de gezondheid van kinderen bij ouders. Reclamemakers vertellen ook graag dat jonge kinderen door reclames heen prikken. Maar tot 12 jaar zijn kinderen niet in staat tot abstracte oordelen, weten psychologen.

“Hoe kunnen kinderen onderscheiden wat gezond is, als ongezond de norm is? Ook ouders hebben hulp nodig, want ze staan alleen tegenover miljardenbudgetten en lobbypraktijken die voedselfabrikanten lenen van de vroegere tabakslobby: misleiden, verleiden en schuld afschuiven.” stelt Bart van Opzeeland van foodwatch. “De consequenties van ongezond eten raken ons allemaal, via de stijgende zorgkosten door hart- en vaatziekten, diabetes en kanker. Laten we kinderen beschermen tegen een te zwaar leven.”

Burgerinitiatief tegen kindermarketing
Op http://foodwatch.nl/ start het burgerinitiatief voor de eerste wet tegen marketing van ongezonde producten voor kinderen. Bedrijven kunnen als de wet er is hun marketingexpertise voortaan inzetten voor gezonde producten.